Visie op opleiden
De sporttechnische opleidingen van de KNWU hebben als doel de kwaliteit van het kader in de wielersport te vergroten. De opleidingen zijn competentiegericht, waarbij aandacht besteed wordt aan de kennis, vaardigheden en persoonlijke eigenschappen van een cursist én een groot deel van de opleiding in de eigen praktijk van de trainer plaatsvindt. Hiermee wordt aangesloten bij de behoeften van trainers en verenigingen aan meer flexibele en praktijkgerichte opleidingen. Centraal staan de opdrachten in de praktijk om aan het ontwikkelen van de benodigde competenties te werken.
De opleidingen van de KNWU voldoen aan de Kwalificatiestructuur Sport (KSS) met een niveau-aanduiding 1 t/m 5. De KNWU verzorgt opleidingen voor de niveaus 2 t/m 4, de opleiding op niveau 5 wordt aangeboden door NOC*NSF in samenwerking met de Hogeschool van Amsterdam en Groningen.
Leertraject
Het aangeboden leertraject bestaat uit opdrachten die ondersteund worden door (expert)bijeenkomsten.
- Opdrachten
De basis van het leertraject zijn de opdrachten die bij een wielervereniging worden uitgevoerd. Hoeveel tijd het kost om een opdracht goed uit te kunnen voeren is afhankelijk van het niveau van de cursist.
- (Expert)bijeenkomsten
Tijdens (expert)bijeenkomsten worden onderwerpen behandeld die een directe relatie hebben met de opdrachten. Er vinden tijdens de expertbijeenkomsten zowel theorie- als praktijkonderdelen plaats.
Wie zijn bij het leertraject betrokken?
De leercoach
Gedurende het leertraject wordt de cursist vanuit de KNWU begeleid door een leercoach. De leercoach stimuleert en ondersteunt de cursist, geeft feedback op de uitvoering van het leertraject en evalueert het leerproces van de cursist. Ook geeft de leercoach informatie over de inhoud en de opzet van de opleiding. Een leercoach is niet verplicht om de cursist te bezoeken bij zijn wielervereniging, maar kan in sommige gevallen besluiten om dit wel te doen.
De praktijkbegeleider
Gedurende het leertraject wordt de cursist vanuit de vereniging begeleid door een praktijkbegeleider. Aangezien een leercoach niet bij de training /wedstrijd aanwezig is, is het voor de cursist van groot belang dat hij tijdens de uitvoering van de opdrachten bij de vereniging begeleid wordt. Dit is de rol van de praktijkbegeleider (vergelijk dit met een stage bij een bedrijf: zonder begeleiding is het effect van stage lopen een stuk minder).
De cursist is zelf verantwoordelijk voor het vinden van een praktijkbegeleider. Zonder praktijkbegeleider is het niet mogelijk om deel te nemen aan de opleiding.
De expert
De ondersteunende bijeenkomsten worden gegeven door experts. Dit is een deskundige op een bepaald vakgebied die cursisten informatie aanreikt. De inhoud van de bijeenkomsten hebben een directe relatie met de opdrachten. De expert houdt zich bezig met het overbrengen van leerstof en niet met begeleiding van de cursisten.
Bij de opleiding Wielertrainer 2 heeft de leercoach ook de rol als expert.
Hoe wordt het leertraject afgesloten?
Proeven van Bekwaamheid (PVB)
De opleiding wordt afgesloten door het afleggen van Proeven van Bekwaamheid (PVB’s, voorheen examen). De PVB’s kunnen bestaan uit praktijkbeoordelingen en/of portfoliobeoordelingen.
Een portfolio is een verzameling van bewijzen, waaronder een (gedeeltelijke) uitwerking van de opdrachten. De KNWU maakt gebruik van een Elektronische Leer Omgeving (ELO), waarop het portfolio digitaal ingeleverd wordt.
Diploma
Als alle PVB’s voldoende zijn wordt een diploma uitgereikt.