Magazine

Eén uitgesproken titelfavoriet

januari 2018

Bondscoach Gerben de Knegt reist met verwachtingen af naar het wereldkampioenschap veldrijden in Valkenburg. In alle vijf de disciplines die op 3 en 4 februari op de flanken van de Cauberg van start gaan, ziet de KNWU-keuzeheer kansen op het veroveren van medailles door landgenoten. “Ik denk dat we overal kansrijk zijn, maar we hebben maar één uitgesproken favoriet voor een wereldtitel. En dat is uiteraard Mathieu van der Poel bij de elite-mannen.”

Richting het Europees Kampioenschap in Tabor waren de verwachtingen nog wat positiever. “Er zijn wat meer onzekerheden gekomen in de selectie. Maar waar we daar in alle categorieën voor de winst dachten te kunnen gaan, was het uiteindelijk ook alleen Mathieu die de titel daadwerkelijk ophaalde. Nu zijn de verwachtingen iets minder hooggespannen, maar kan het juist weer positief uitvallen. Het mooie is dat we kans maken op medailles in vijf categorieën, we rijden voor eigen publiek, ik hoop dat dit wat positiefs, iets extra’s oproept bij de renners.” Over het parcours kan De Knegt – die onlangs met vijftien renners en rensters het WK-traject ging verkennen – helder zijn. “Het is een zware en dus eerlijke ronde. Ik denk dat we met tactische racescenario’s geen rekening hoeven te houden, hier gaat in principe de sterkste winnen. Het parcours is zwaar door de hoogteverschillen, maar zeker ook door de modderige ondergrond. In vergelijking met de vorige wereldbeker is vooral de finale veranderd. Er is een helling bij gekomen waar je nog omhoog moet lopen richting de finish en dat is zwaar. Verder is de start andersom gelegd. Waar we eind 2016 nog heuvelop van start gingen, rijden de renners daar nu naar beneden. Dat heeft zeker ook invloed op de wedstrijd.”

"Ik denk dat hij deze winter heeft laten zien dat hij de sterkste van allemaal is"

Gerben de Knegt

Grote kanshebber
Een aantal jaren deed Nederland in veel categorieën mee voor de winst, maar was de elite-categorie voor de Vlamingen. Nu is die situatie heel anders. “We hebben er natuurlijk vanaf 2015 met Mathieu van der Poel een grote kanshebber bij gekregen in deze categorie. Vorig jaar had hij net iets teveel pech om te kunnen winnen op het WK, ik denk dat hij deze winter heeft laten zien dat hij wel degelijk de sterkste van allemaal is. Laten we hopen dat hij deze keer van pech gevrijwaard blijft. Met zijn vorm is helemaal niets mis, de hele winter al niet. Achter Mathieu hoop ik bij de mannen dat Lars van der Haar, Corné van Kessel en David van der Poel mee kunnen doen voor de medailles. Lars was aan het begin van het seizoen zeker een kanshebber voor de titel, maar ik denk dat hij die insteek los moet laten gezien zijn gezondheidsproblemen. Laat hij maar starten voor een medaille en kijken wat er dan uitrolt. “

Vraagtekens bij vrouwen
Bij de elite-vrouwen zijn er veel vraagtekens. De Knegt: “In die categorie is mondiaal gezien het aantal kanshebbers op winst en een medaille ontzettend groot. Zo internationaal als deze sport bij de vrouwen is, is ze nergens anders in het veldrijden. In tegenstelling tot andere jaren missen we de zekerheid dat we altijd voor een medaille kunnen meedoen bij de vrouwen. Dat zegt niet dat het niet mogelijk is overigens. Lucinda Brand heeft bewezen dat ze zeker een medaillekandidaat is, ik denk dat zij onze grootste troef gaat zijn. Maar Maud Kaptheijns en Annemarie Worst hebben dit jaar toch ook podiumplaatsen weten te realiseren, ik zie hen als outsiders. En Marianne Vos start alleen als ze kansen ziet om een medaille te winnen.”  Bij de beloften-vrouwen hoopt De Knegt op een medaille. “Als Evie Richards start – de renster die bij de elite-vrouwen won in Namen – dan is zij de uitgesproken favoriet. De Italiaanse Chiara Teocchi werd Europees kampioene, dus met haar zullen we ook rekening houden. Met Nederlands kampioene Inge van der Heijden, Ceylin del Carmen Alvarado en Fleur Nagengast maken we kans op een medaille, gezien de uitslagen van het seizoen. Maar dat deden we in Tabor ook en toen grepen we er net naast. Maar daar kan op het WK ook een zeer aangename uitschieter uitkomen.”

"Concurrentie is er zeker, maar het zou mij niet verbazen als er toch minimaal één van hen op het podium staat"

Gerben de Knegt

Junioren kansrijk
Bij de beloften-mannen wordt de bondscoach geplaagd door onzekerheden. “Met Joris Nieuwenhuis beschikken we over de titelverdediger, maar door zijn beenblessure (de renner van Sunweb heeft last van een beknelde liesslagader, red.) is het niet zeker dat hij zijn beste niveau haalt in Valkenburg. Ook Jens Dekker – die aan het begin van het seizoen een aantal topwedstrijden won – en Sieben Wouters (derde op het WK in 2017 en derde op het EK in Tabor afgelopen winter) sukkelen met hun gezondheid. Ze hebben de kwaliteiten om voor het podium te gaan in Valkenburg, mits ze op die dag over hun beste niveau beschikken.” Bij de junioren rekent De Knegt al op iets meer. “Mees Hendrikx, Pim Ronhaar en Ryan Kamp hebben topcrossen gewonnen dit seizoen. Concurrentie is er zeker, maar het zou mij niet verbazen als er toch minimaal één van hen op het podium staat na afloop. En dat kan op alle posities zijn. Al met al vind ik het dus moeilijk te voorspellen hoeveel medailles er voor ons uit rollen dit jaar. Vorig jaar waren dat er vijf, als dat weer lukt, zou dat zou heel mooi zijn.”

Wij plaatsen functionele cookies om deze website naar behoren te laten functioneren. Daarnaast vragen we je toestemming om analytische cookies en marketingcookies te plaatsen. Daarmee meten we het gebruik van deze website en kunnen we ons aanbod beter afstemmen op jouw voorkeuren. Deze cookies verzamelen persoonsgegevens. Geef hieronder aan welke cookies je wilt accepteren. Meer weten? Bekijk onze privacypagina.