Project Tokyo

Project Tokyo - Bike

Lees hier alles over de ontwikkeling van de fiets.

Tijdlijn:

KNWU, KOGA en TU Delft ontwikkelen optimale baanfiets voor Olympische Spelen in Tokyo

De Koninklijke Nederlandsche Wielrenunie (KNWU), fietsenleverancier KOGA en de TU Delft werken samen aan een compleet nieuwe fiets voor het baanwielrennen. Het wordt een lichtgewicht en aerodynamische fiets die rekening houdt met de individuele verschillen tussen renners. De KNWU verwacht dat met deze baanfiets snellere tijden gerealiseerd kunnen worden doordat iedere fiets geheel wordt afgestemd op de individuele eigenschappen van de renner en het onderdeel waar hij of zij op uitkomt. De Nederlandse baanwielrenners gaan met de nieuwe fiets in 2020 de strijd aan tijdens de Olympische Spelen in Tokyo.

Actieve rol renners en staf
Voor de Olympische Spelen in Beijing ontwikkelde KOGA voor Theo Bos al een speciale fiets, de Kimera. Nu worden de nieuwe - specifiek op iedere renner afgestemde - baanfietsen voor de hele selectie ontworpen en ontwikkeld. De renners en staf van de nationale baanselectie vervullen een actieve rol bij de realisatie van de nieuwe fiets. Het project is onlangs gestart met een co-creatie sessie waarin de wensen en inzichten van de renners dienden als input. “Super inspirerend om samen met engineers en designers te kunnen werken aan de optimale fiets”, aldus baansprinter Jeffrey Hoogland.

"Super inspirerend om samen met engineers en designers te kunnen werken aan de optimale fiets."

Jeffrey Hoogland

KOGA verwacht dat de fiets begin 2019 gereed zal zijn.
Maar voor het zover is moet er nog veel worden gedaan. KOGA werkt in dit project ook samen met partners Pontis Engineering en Actiflow. “Wij geloven in een holistische aanpak waarbij de fiets als geheel en in samenhang met de bereider geperfectioneerd wordt”, zegt Mark Dorlandt, projectleider bij KOGA. “Wij denken dat in de integratie tussen het frame en de componenten, waaronder de cockpit (stuur en voorbouw), zadelpen en wielen nog veel winst te halen is.” Daar komen ook de onderzoekers van de TU Delft om de hoek kijken.

Rol van de wetenschap
Vanuit meerdere disciplines is de TU Delft betrokken bij de ontwikkeling van de nieuwe baanfiets. Zo zullen aerodynamici meedenken hoe de luchtweerstand nog verder verlaagd kan worden en experts op het gebied van lichtgewicht materialen gaan helpen om een fiets te creëren met een optimale stijfheid bij een minimaal gewicht. Op de TU Delft wordt veel onderzoek gedaan naar de stabiliteit en de besturing van de fiets, ook deze kennis wordt meegenomen in het nieuwe ontwerp van de baanfiets. “Het is belangrijk de geometrie van de fiets zodanig op de rijder af te stemmen dat deze optimaal wendbaar is en tegelijkertijd al het vermogen dat de fietser levert wordt omgezet in voorwaartse snelheid”, legt onderzoeker Arend Schwab uit.

Innovatie wielersport
“Door een sterke samenwerking tussen sporters, bedrijfsleven en de wetenschap kunnen we in Nederland echt verschil maken”, zegt Vincent Luyendijk, directeur KNWU. KNWU, KOGA en TU Delft werken daarom samen in een platform voor innovatie in de wielersport. “De te ontwikkelen baanfiets is de eerste concrete innovatie richting Tokyo 2020, maar we verwachten de komende periode nog meer, ook met nieuwe partners in wat wij Project Tokyo noemen", aldus Vincent Luyendijk. De voortgang zal de komende tijd te volgen zijn via de media en eigen kanalen van de partners.

KOGA dedicated KNWU-partner

Koga is als partner van de KNWU in het kader van Project Tokyo bezig met het ontwikkelen van nieuwe baanfietsen voor de sprintnummers en de pelotonsonderdelen. Na twee jaar research en development moet in maart 2019 een nieuwe fiets klaar zijn om de Nederlandse baanploeg naar nieuw succes te brengen op de Olympische Spelen van 2020. In 2008 hadden de oranje pistiers ook een nieuw model tot hun beschikking: de Koga Kimera. Speciaal ontworpen voor Theo Bos. Het was uiteindelijk Marianne Vos die op deze fiets een gouden medaille haalde op de puntenkoers.

Voormalig Koga-topman Wouter Jager haalde er de cover van Time Magazine mee in de aanloop naar de Olympische Spelen: een fiets van een half miljoen – de Kimera – moest Theo Bos succes brengen. De meervoudig wereldkampioen op de sprint was het uithangbord en ook mede-initiator van dit model, dat inmiddels als gewone racefiets onder dezelfde naam te krijgen is. Harald Troost van Koga kijkt met trots terug op het project. “Theo behoorde toen tot de absolute wereldtop en was erop gebrand om in Beijing te doen wat hem in Athene vier jaar eerder niet lukte: goud halen op de sprint op de Olympische Spelen.” Alles wat daar aan bij kon dragen, werd kritisch tegen het licht gehouden. Dus ook de fiets. “De Kimera werd puur op het lijf van Theo Bos ontworpen. We zetten daarmee destijds een mooie stap. Alle nieuwe ontwikkelingen werden toegepast, zodat hij de op dat moment best denkbare fiets had. De naam hadden we afgeleid van het Griekse woord chimeara, dat is een uit de mythologie afkomstige naam voor een kruising tussen een leeuw en een draak. Het idee was dat de Nederlandse leeuw de draak zou verslaan in China.” Het liep anders: Bos kende een ongelukkig toernooi, kwam nog ten val op de keirin, maar had eigenlijk geen moment uitzicht op het goud. Troost: “En hoewel de fiets op Theo’s lijf was ontworpen, konden de andere renners er – met enige aanpassingen – ook mee uit de voeten. En zo zagen we Marianne Vos alsnog het goud veroveren, maar dan op de puntenkoers bij de vrouwen.”

"De Kimera werd puur op het lijf van Theo Bos ontworpen. We zetten daarmee destijds een mooie stap"

Harald Troost, Marketingmanager KOGA

De herkenbare kromming in de bovenbuis van het frame en alle toegepaste wetenschappen kwamen de jaren daarna allemaal terug in andere modellen. De baanfiets van de KNWU-selectie werd ondertussen steeds verder geperfectioneerd. “Met name in materiaalgebruik - we konden steeds lichter en sterker carbon gebruiken voor de mallen die we van de Kimera hadden laten maken. In de aanloop naar Rio hebben we onder meer een nieuwe voorvork ontwikkeld. We zijn de fiets blijven ontwikkelen zodat deze competitief bleef.” Maar na Rio kwam er het besluit om een nieuwe fiets te gaan ontwerpen. “Bijvoorbeeld omdat we nu een aantal lange renners in de ploeg hebben, waarvoor we een ander model willen gaan maken. Maar ook om te zorgen dat onze sporters in Tokio de best denkbare fiets hebben."

Ontwikkeling samen met partners
Er zijn nieuwe ontwikkelingen gaande op het gebied van aerodynamica en materiaal, maar ook als je kijkt naar de eisen waaraan de fietsen van de UCI moeten voldoen. "Het grote verschil met toen is vooral dat we nu niet één renner centraal stellen, maar alle renners mee nemen in het proces van de ontwikkeling. Bij alle coureurs worden metingen verricht in windtunnels om te kijken hoe het samenspel tussen fiets én renner zo optimaal mogelijk wordt. Dat doen we niet alleen. TU Delft, Actiflow en Pontis Engineering zijn betrokken bij die ontwikkeling. Bij ons bedrijf is met Mark Dorlandt dezelfde projectleider actief als in 2008 bij de Kimera het geval was. Hij begeleidt vanuit ons bedrijf de totale ontwikkeling van plan tot eindproduct.” Honderden foto’s werden er al gemaakt van de renner op de fiets, waarmee een 3D-model ontwikkeld werd dat als uitgangspunt moet dienen om de aerodynamica te verbeteren. De verwachting van KOGA en de KNWU is dat er meer bedrijven aansluiten richting 2020, zodat ook op terrein van kleding en helmen het optimale resultaat bereikt kan worden.

"Het grote verschil met toen is vooral dat we nu niet één renner centraal stellen, maar alle renners mee nemen in het proces van de ontwikkeling"

Harald Troost, Marketingmanager KOGA

Baansport als uithangbord
Voor KOGA is de baansport – samen met de sponsoring van de SEG Racing Academy op de weg – een mooi uithangbord om zich te profileren als sportief en premium fietsmerk, met de kennis en expertise om topmateriaal te ontwikkelen waarmee topprestaties geleverd kunnen worden. “We hebben er nadrukkelijk voor gekozen de sponsoring van de baanrenners van de KNWU tot 2020 voort te zetten omdat zij de ideale ambassadeurs voor ons merk zijn. Met name op de wereldkampioenschappen en op de Olympische Spelen vinden wij het geschikte internationale podium om een sportief imago uit te stralen. Deze sponsoring levert qua directe inkomsten weinig op. Incidenteel verkopen wij een baanfiets in de reguliere markt, maar de fietsen komen snel op enkele duizenden euro’s en dat is best een investering voor een gewone klant die zo nu en dan op de piste gaat rijden. Het bedrag van een half miljoen dat Wouter Jager in de aanloop naar 2008 noemde, zit dan ook vooral in ontwikkelingskosten, arbeidsuren en testen. Dergelijke bedragen verdien je niet terug in de verkoop van baanfietsen. Als bedrijf hebben we de spin-off wel in publiciteit en we kunnen de resultaten van dat proces verder doorvoeren in andere modellen, zoals racefietsen en e-bikes. Producten waar we wel ons geld mee verdienen.”

"Ik wil een fiets die Jeffrey Hoogland heel houdt"

Een baanfiets ontwerpen die aerodynamisch, loeistijf én Jeffrey-proof is. Volgens ingenieur Rob Lokate van Pontis Engineering kan het. "Met meten en in kaart brengen kunnen we de piekkracht bij de start opvangen."

“Nou, en dan hebben we de beste fiets”, besluit Rob Lokate zijn verhaal. De ingenieur lacht er bij, maar dat lijkt vooral te komen door de vanzelfsprekendheid waarmee hij het zegt. Als grap is het in ieder geval niet bedoeld. Hij is er daadwerkelijk van overtuigd dat de Nederlandse baanploeg straks in Tokyo een ultiem sprintmonster onder de billen heeft. “We weten nu al dat hij sneller is dan de huidige fiets. En er zit nog meer in. In de houding van de renners is nog ruimte voor verbetering. En in de materiaalstijfheid.”

"We weten nu al dat hij sneller is dan de huidige fiets"

Rob Lokate, composite design engineer

Simuleren & sparren
Dat laatste is zijn expertise. Rob Lokate is composite design engineer bij Pontis Engineering, een bedrijf gespecialiseerd in de ontwikkeling van geavanceerde composietproducten. Aanvankelijk waren dat vooral rotorbladen voor windturbines, tegenwoordig ook composiettoepassingen voor jachtbouw. En nu dus een baanfiets. De kerntaak van Rob is het maken van het zogenaamde structureel ontwerp. “De aerodynamisch ontwerper bedenkt de buitenkant, de vorm”, legt hij uit. “Ik ben verantwoordelijk voor het materiaal. Het structureel ontwerp is in feite de wijze waarop de carbonvezels worden gebruikt: welke vezels leg je in welke richting en hoeveel?”

Daarbij werkt hij nauw samen met de ontwerper van de fiets, Oskar van Dijk van Actiflow. “Hij heeft het frame getekend en aerodynamisch getest. In de computer simuleer ik impacttesten om de sterkte van het ontwerp te bepalen. Daarnaast kijk ik naar de stijfheid: de fiets is bedoeld voor sprinters, dus het frame mag niet te veel vervormen. Aan de hand van de resultaten geef ik aan wat ik nodig heb om de stijfheid en sterkte te verbeteren. Dan gaat Oskar kijken hoe hij mij tegemoet kan komen zonder aerodynamica in te leveren. Zo zijn we voortdurend met elkaar aan het sparren. Gelukkig kennen we elkaars vakgebied, en proberen we altijd met elkaar mee te denken. En als we ooit twijfelen welke kant we op moeten, dan hoeven we alleen maar aan het doel te denken: hoe komen die renners straks als snelste aan de finish?”

Heel houden
Voorlopig is er nog helemaal niets. De nieuwe fiets van de Nederlandse baanploeg bestaat alleen nog op papier en in de software van de ontwerpers. Maar zo’n digitaal 3D-model is alles wat Rob nodig heeft. “Bij het engineeren van de fiets vertrouwen we volledig op de simulaties: het uitgangspunt moet meteen goed zijn.” Maar hoe weet Rob dat wat hij nu bedenkt in de praktijk net zo goed is? Dat zal voor een groot deel aankomen op de kwaliteit van het engineeren “Je kunt in de software een fiets op allerlei manieren belasten om zijn sterkte en stijfheid te testen. Maar als je één kritieke belastingsmethode mist, dan heb je een frame waar je niets aan hebt.” Glimlachend: “Best verontrustend eigenlijk.”

Een heel specifieke manier van belasten die alleen voorkomt op de baan, is de start. Omdat de fiets geen versnellingen heeft en een enorm verzet, oefent een baanrenner bij de start gigantische krachten uit op de frame. Rob: “Binnen de veiligheidsregels is het mogelijk een baanfiets te ontwerpen die Jeffrey Hoogland zo in tweeën trapt. We willen een fiets die hij heel houdt. Door alles te meten en in kaart te brengen, ben ik ervan overtuigd dat we de piekkracht bij de start kunnen opvangen.”

Prototypes
Een andere vereiste is dat de productie exact volgens de instructies van Pontis Engineering verloopt. Rob staat er dan ook met zijn neus bovenop als in mei 2018 de eerste prototypes in China van de band rollen. “Als de producent het carbon net even anders neerlegt, heeft de fiets al niet meer de eigenschappen zoals we die hebben gesimuleerd. Zodra het frame uit de mal komt, moet het aan alle gestelde eisen voldoen. Om dat zeker te weten, gaan we daar testen, zodat we waar nodig gelijk bij kunnen sturen.”

Daarna is het aan de renners om de fiets te testen: eerst alleen tijdens trainingen, vanaf begin 2019 bij wedstrijden. Ook nu, in de ontwerpfase, worden ze al volop betrokken. “Want uiteindelijk gaat het om wat zij willen.” De gesprekken tussen wetenschappers en renners is voor beiden even wennen. “Ik probeer hen zo te coachen dat zij zelf inzichtelijk kunnen krijgen wat ze willen. Zij moeten mij input geven, zodat ik de stijfheid precies zo kan krijgen zoals zij dat willen.”

"Als de producent het carbon net even anders neerlegt, heeft de fiets al niet meer de eigenschappen zoals we die hebben gesimuleerd"

Rob Lokate, composite design engineer

Schuiven met materiaal
Als basis voor het hele project dient de huidige baanfiets: de Koga Kimera. Het frame werd ooit gebouwd voor Theo Bos in aanloop naar de Olympische Spelen in Peking 2008. Bijna tien jaar later doet het nog altijd dienst bij de Nederlandse baanploeg, en met reden. Rob: “De renners zijn er lyrisch over. Omdat het zo stijf is. Ze zeggen: ‘Ik kan rammen wat ik wil, die fiets vangt het allemaal op’.”

Ook het stuur geeft onderweg geen krimp. De stuurpen vinden de renners dan weer te slap. “Voor sprinters is een stijve stuurpen heel belangrijk, dat geeft hen vertrouwen. Het doel is om de nieuwe fiets nog beter in balans te brengen. Als je honderd gram carbon uit het stuur haalt en verplaatst naar het frame en stuurpen en dus het materiaal beter verdeelt, heb je een nog stijvere fiets.” Dit is exact de reden waarom er niet alleen een nieuw frame wordt ontworpen, maar een complete fiets. “En dat is best uniek. Alles wat van carbon is, gaan we optimaliseren – behalve de wielen. Doordat we naar de gehele fiets kijken, kunnen we materiaal verschuiven van het frame naar bijvoorbeeld de stuurpen of de vork.” Korte stilte. “Nou, en dan heb je dus de beste fiets.”

Rest nog de vraag: hoe weet je als ontwerper wanneer de fiets af is? Want is er niet altijd iets wat nog beter kan? “De grootste winst pak je in het begin”, weet Rob. “Daarna wordt het schrapen, dan moet je er honderdduizend uur in stoppen voor 0,01 procent winst. Optimalisatie is nooit klaar. Als er oneindig veel geld is, dan kun je er zo de rest van je leven mee bezig kunnen zijn.”

"Ook op de baan is aerodynamica pure winst"

Twee tiende winst op één rondje, belooft de ontwerper van de nieuwe baanfiets voor Tokyo. "Dat kan precies het verschil zijn tussen brons en goud."

Of de nieuwe baanfiets van de Nederlandse sprintploeg al een naam heeft? De stilte die Oskar van Dijk laat vallen is veelbetekenend. “Ik heb er nog niets over gehoord”, zegt de ontwerper. “Maar bij mij heet-ie Concept 3.5. En elke week komt daar een nummertje bij.” Oskar is als design engineer bij Actiflow verantwoordelijk voor het aerodynamische ontwerp van de nieuw te bouwen fiets. De vormen die Oskar nu aanbrengt in frame, zadelpen en stuurcombinatie, kunnen straks tijdens de Olympische Spelen van Tokyo zomaar de kleur van de medaille bepalen. Want: “Aerodynamica bij een baanfiets is belangrijker dan tot nu toe is aangenomen.” Om duidelijk te krijgen wat de rol is van aerodynamica, leggen we Oskar een aantal stellingen voor. Aan hem de taak deze te bevestigen of te ontkrachten.

Stelling 1: een fiets ontwerpen is moeilijk dan een auto
“Wat wij bij Actiflow doen is het verlagen van de weerstand. Of je nu een auto, een fiets of een driewieler ontwerpt, dat trucje is altijd hetzelfde. Het verschil zit ’m in de vorm. Een auto is coconachtig, aan een fiets zitten buizen, een stuur, trappers. Dat is inderdaad moeilijker vormgeven dan een auto. En dan maken wij ook nog een fiets voor sprinters: mensen van 90 kilo die proberen dat ding in tweeën te breken. Dat betekent dikke, lompe buizen. De truc is om die stapsgewijs zo te vervormen dat de weerstand telkens minder wordt.”

"Wat ik nu probeer, is alles wat een cirkelvorm heeft, omkneden naar een vleugelvorm. Als je dat doet, zie je de weerstand heel hard naar beneden gaan"

Oskar van Dijk, design engineer

Stelling 2: hoe platter, hoe beter
“Voorwerpen die met zo weinig mogelijk weerstand door de lucht moeten bewegen, krijgen een druppelvorm. Die kom je overal tegen: bij vliegtuigvleugels, de rotors van windturbines... Een fiets bestaat grotendeels uit ronde buizen en aerodynamisch gezien is er weinig slechter. Wat ik nu probeer, is alles wat een cirkelvorm heeft omkneden naar een vleugelvorm. Als je dat doet, zie je de weerstand heel hard naar beneden gaan.”

Stelling 3: aerodynamica is belangrijker dan stijfheid of gewicht
“Als uitgangspunt gebruiken we de huidige baanfiets: de Koga Kimera. Die is nu tien jaar oud. De opdracht voor de ontwerpers was destijds: maak de stijfste fiets met het laagst mogelijke gewicht. Het is nog altijd een van de stijfste fietsen op de baan, dus in die zin is de missie geslaagd. Met luchtweerstand is alleen nooit rekening gehouden. De gedachte was: je fietst maar één rondje, wat maakt aerodynamica uit? Dankzij computersimulaties weten we nu dat het de moeite waard is om een fiets iets zwaarder te maken om zo de weerstand te kunnen verlagen. Volgens onze berekeningen is de nieuwe fiets twee tiende seconde op een rondje sneller dan de Kimera. In Tokyo kan dat precies het verschil zijn tussen brons en goud.”

Stelling 4: een ontwerp is nooit af
“Het eerste frame tekende ik in een dag. Maar dan ga je deelproblemen oplossen. Hoe zet ik het stuur vast aan het frame? Ben je zo twee dagen verder. Na een simulatie moet je het ontwerp vaak weer opnieuw maken, omdat er andere inzichten zijn. Uiteindelijk hopen we zo’n tien verschillende frames te ontwerpen, waarbij iedere versie hopelijk weer een procent beter is dan de vorige. De eerste was een probeersel, nu zitten we tegen de beste fiets ter wereld aan. Vooral tijdens deze laatste stappen ga je nadenken over ieder schroefje. Hoe zorg je ervoor dat de zadelpen zo stijf en licht mogelijk vast zit? Hoe sluit het frame aan op de ketting?”

Stelling 5: de beste fiets is iets anders dan het beste frame
“We kwamen er al snel achter dat een frame ontwerpen zonder stuur zonde was. Het stuur bepaalt namelijk precies hoe de lucht op het frame aankomt. De zadelpen is een integraal deel van het frame, dus die ontwerpen we ook. Als we die onderdelen niet meenemen, zouden we maar een fractie van de winst kunnen halen. Het stuur ligt nu heel mooi in lijn met het frame. Dat geeft 10 procent minder weerstand.”

Stelling 6: de houding van de renner is belangrijker dan de vorm van de fiets
“Qua luchtweerstand is de verhouding tussen renner en fiets 80/20. Dus als er 800 watt nodig is om een renner een bepaalde snelheid te laten rijden, heb je 200 watt nodig voor de fiets. In vergelijking met de Kimera hebben we van die 200 watt bijna een kwart afgesnoept. Over het geheel, dus renner en fiets, blijft er 5 procent over. Dat is heel veel. Als een renner iets dieper gaat zitten, haalt hij of zij een procent winst. Als je een goede nieuwe fiets maakt, heb je twintig renners die allemaal vijf procent winst halen.”

Stelling 7: een perfecte fiets voor twintig renners is een utopie
“Bij het ontwerp hebben we ons gericht op Jeffrey Hoogland. Omdat hij kanshebber is, maar ook omdat hij een gemiddelde lengte heeft. Hij is letterlijk ons prototype renner, de fiets is op zijn lijf geschreven. Maar er komen verschillende framematen, en ook qua zadelpen en stuur zijn er aanpassingen mogelijk. We hebben het ons wel extra moeilijk gemaakt door een geïntegreerd stuur te ontwerpen. Voor iedere stuurpenlengte moet nu een compleet nieuw stuur worden gemaakt. Het wordt even puzzelen, maar dat krijg je, als je met zo weinig mogelijk vormdelen een zo snel mogelijke fiets wilt bouwen.”

"We voorspellen met verlaging van de weerstand een winst die de renners niet voor mogelijk hadden gehouden. Dat zijn de marges waar zij op trainen"

Oskar van Dijk, design engineer

Stelling 8: de renners staan op 1
“Als je nooit de deur uitkomt en in je studio blijft, ontwerp je straks iets waar een renner niets mee kan. Ik geef maandelijks een ontwerppresentatie, waarbij telkens een deel van de selectie aanwezig is. Zo kunnen renners aangeven als iets niet goed is. En ze kunnen zorgen delen, want natuurlijk zijn die er. De renners zijn vertrouwd met hun huidige fiets en hebben die volledig op zichzelf afgestemd. Er is een risico dat er straks dingen zijn die ze niet fijn vinden. Maar vooralsnog zijn de reacties enthousiast. We voorspellen met verlaging van de weerstand een winst die de renners niet voor mogelijk hadden gehouden. Dat zijn de marges waar zij op trainen.”

3D model maken bij th3rd

Voor de ontwikkeling van de nieuwe baanfiets, wedstrijdkleding en helm voor de Olympische Spelen van Tokyo in 2020 waren we op bezoek bij Th3rd in Amsterdam voor een 3D model van een nieuwe KOGA baanfiets.

Zo bouw je de ultieme baanfiets

Het ontwerpen en produceren van een fiets voor de Nederlandse baanploeg is topsport op zich. Een combinatie van korte en lange adem, individuele kwaliteiten en teamspirit, snel anticiperen en ver vooruitdenken. Een korte introductie van het team dat de fiets bouwt en hoe de weg naar Tokyo eruit ziet.

Wie maken de fiets?
KOGA/Accell Group
KOGA is de officiële materiaalsponsor van de Nederlandse baanploeg. De fabrikant uit Heerenveen maakt onderdeel uit van de Accell Group, een Nederlandse holding waaronder ook andere bekende fietsmerken als Batavus en Sparta vallen. Vanuit KOGA wordt het traject voor de ontwikkeling van de nieuwe baanfiets gecoördineerd. Voor het ontwerp naast KOGA zijn drie Nederlandse partijen ingeschakeld, die nauw met elkaar samenwerken.

"Wij geloven in een holistische aanpak waarbij de fiets als geheel en in samenhang met de sporter geperfectioneerd wordt"

Mark Dorlandt, projectleider KOGA

Actiflow
Als specialist in ‘fluid dynamics’ (lucht- en vloeistofstromen) is Actiflow verantwoordelijk voor het aerodynamisch ontwerp van frame, stuur-en stuurpencombinatie en zadelpen. De stroomlijn van de gezamenlijke onderdelen bepaalt voor een groot deel de snelheid van de fiets.

Pontis Engineering
Waar Actiflow kijkt naar de buitenkant, daar houdt Pontis Engineering zich bezig met het materiaal. Het ingenieursbedrijf, gespecialiseerd in geavanceerde composietconstructies, maakt het structurele ontwerp. Aan Pontis de taak om de fiets met zo weinig mogelijk materiaal zo sterk en stijf mogelijk te maken.

TU Delft
Wetenschappers van de Technische Universiteit zetten de renners zo op hun fiets dat ze het vermogen zo efficiënt mogelijk overbrengen in een zo aerodynamisch mogelijke houding. Ze bekijken ook de invloed van de geometrie (de verhoudingen van de fiets) op het rij- en stuurgedrag. Daarnaast doet de TU Delft samen met Actiflow windtunneltesten om de aerodynamica te optimaliseren.

7 stappen richting Tokyo
Stap 1: ideeën (juni 2017)

Het projectteam komt samen om plannen en ontwerpkeuzes te bespreken. Bepaald wordt dat er een fiets komt die geoptimaliseerd is voor de sprinters, omdat zij de grootste kans maken op medailles tijdens de Olympische Spelen in Tokyo 2020. Belangrijkste vragen:
1. Wat is er technisch mogelijk?
2. Waar zijn de renners het meest mee gediend?
3. Waar staat de concurrentie?
4. En wat wordt vanaf hier het traject naar Tokyo?
Als beginpunt (benchmark) voor de nieuw te ontwerpen fiets wordt de huidige baanfiets gebruikt: de KOGA Kimera.

Stap 2: concept (augustus 2017)
Actiflow gaat op basis van de besproken ideeën een conceptontwerp maken. In de tussentijd ontwikkelt Pontis Engineering FEM-modellen: manieren om de nieuwe fiets straks in de computer te kunnen onderwerpen aan zogenaamde load cases (belastingstesten). Dergelijke testen worden ook gedaan op een 3D-computermodel van de Kimera, om de sterke en zwakke punten van de huidige baanfiets vast te stellen. De TU Delft onderzoekt de invloed van de geometrie op het rij- en stuurgedrag, en bepaalt voor de renners de optimale fietshouding. Alle resultaten worden meegenomen in het conceptontwerp van de nieuwe fiets.

Stap 3: engineering (november 2017)
Actiflow stuurt haar eerste concept naar Pontis Engineering. Deze gaat het aerodynamische ontwerp onderwerpen aan een structurele analyse (wat zijn de sterke en zwakke punten?), en bepaalt globaal de lay-up van de buizen (de samenstelling, dikte, ligging en richting van de carbonvezels). Doel: optimale winst halen qua sterkte, stijfheid en gewicht zonder in te leveren op aerodynamica (en dus snelheid). Pontis test het ontwerp tevens op maakbaarheid. Hierop stuurt het aanbevelingen naar Actiflow, dat een aangepast ontwerp terugstuurt. In totaal zijn er drie van dergelijke rondes. Andere belangrijke beslissingen in deze fase: hoeveel frame- en stuurmaten komen er en welke fabriek gaat de fiets produceren?

Stap 4: optimalisatie (maart 2018)
Actiflow test het definitieve ontwerp voor de laatste maal op haar aerodynamische prestaties. Pontis doet hetzelfde voor het structurele ontwerp. Daarop zet Actiflow de puntjes op de ‘i’. Het ontwerp is klaar.

Stap 5: UCI-keuring (mei 2018)
Het ontwerp gaat naar de Internationale Wielerunie (UCI). Deze bekijkt of de fiets aan alle eisen en regelgeving voldoet om gebruikt te mogen worden op de Olympische Spelen.

Stap 6: prototypes (juli 2018)
De mal (tool) voor het frame wordt ontworpen en besteld bij de producent. In juli is het eerste prototype klaar. Tests ter plekke moeten uitwijzen of het bedachte ontwerp daadwerkelijk ‘maakbaar’ is en of het geproduceerde frame aan de kwaliteitseisen en structurele eisen voldoet, en of de fiets zich gedraagt zoals verwacht. Indien nodig is er ruimte om het ontwerp nog hier en daar te tweaken. In augustus en oktober volgen nog een tweede en derde prototype.

Stap 7: productie (begin 2019)
De productie start. De baanselectie gaat vanaf nu trainen en wedstrijden rijden op de nieuwe fiets. Ruim op tijd om te wennen aan het nieuwste wapen op weg naar goud.

"We bouwen de fiets om de renner heen"

Voor de ontwikkeling van de nieuwe baanfiets laat Koga niets aan het toeval over. Met Arend Schwab van de TU Delft haalde het één van de meest vooraanstaande specialisten aan boord op het gebied van fietsdynamica. Zijn taak? De fiets voor iedere renner optimaal bestuurbaar maken.

Toen de huidige fiets van de Nederlandse baanselectie tien jaar geleden op de tekentafel lag, was het uitgangspunt nog betrekkelijk eenvoudig: hij moest licht, sterk en loeistijf zijn. Inmiddels weten we dat aerodynamica en stuurgedrag minstens zo belangrijk zijn. Om ook aan die eisen te kunnen voldoen, heeft fietsfabrikant KOGA, voor de ontwikkeling van de nieuwe baanfiets drie gespecialiseerde partijen ingeschakeld. Actifow maakt het aerodynamisch ontwerp, Pontis Engineering bewaakt de balans tussen stijfheid, sterkte en gewicht en de TU Delft moet er tot slot voor zorgen dat de renners goed op de nieuwe fiets passen en hem veilig door de bochten krijgen.

Een bizar idee eigenlijk, dat drie clubs van ingenieurs en wetenschappers bijna een jaar lang in de weer zijn met rekenmodellen en computersimulaties om één fiets te ontwerpen. Had dat niet eenvoudiger gekund? Nee, benadrukt Arend Schwab, van de TU Delft. “Het zijn namelijk drie enorm specifieke kennisgebieden. De kracht van dit project is dat al die expertisevelden bij elkaar komen, dat er overlap en overleg is en dat we zo tot een optimaal ontwerp komen. Ik heb erg veel lol in de manier waarop die driehoek samenwerkt.”

Fietslab
Twaalf jaar geleden begon Arend in de TU Delft een ‘fietslab’, waar hij zich bezighoudt met de dynamiek en de besturing van de fiets. De kernvragen waarover hij zich buigt: waarom blijft een fiets overeind als hij rijdt en wat is de invloed van de mens? De belangrijkste beweegreden voor zijn onderzoek is veiligheid. “We zien dat steeds meer oudere mensen eenzijdige ongelukken krijgen met fietsen. Maar waarom ze vallen, weten we eigenlijk niet. Die vraag proberen we te beantwoorden.”

"Voor dit project bekijken we de invloed van de geometrie en de verhoudingen van de fiets op het stuurgedrag"

Arend Schwab (TU Delft)

Al die jaren research heeft Arend tot een autoriteit gemaakt op het gebied van fietsbesturing. Iets waar straks ook de Nederlandse baanselectie optimaal van hoopt te kunnen profiteren in Tokyo. “Voor dit project bekijken we de invloed van de geometrie en de verhoudingen van de fiets op het stuurgedrag. Daarvoor gebruiken we een computermodel dat voortkomt uit het onderzoek dat twaalf jaar geleden begonnen is. In dat model voeren we de geometrie in, plus de massa (het materiaal) en de massaverdeling. Daar voegen we een mens aan toe, met armpjes en beentjes. En dan gaan we kijken: hoe gedraagt zich dat? Zo leer ik hoe stabiel de fiets is in welk gebied en wat de stuurstijfheid is. Als de stuurstijfheid laag is, zwabbert de fiets alle kanten op. Is hij heel hoog, dan ligt-ie als een blok beton op de baan.”

Eerst de goede maat
Dat laatste is precies wat de baanselectie nodig heeft. Want vooral sprinters oefenen op piekmomenten, bij de start of in volle sprint, ongekende krachten uit op de fiets. “Ik schrok echt toen ik die renners voor het eerst van dichtbij zag”, lacht Arend. “Die benen! Dat was een eye opener voor mij, hoor.” Sommige renners gaven aan dat ze tijdens de piekmomenten moeite hadden om de huidige fiets overeind te houden. Aan het frame ligt dat niet, dat is stijf genoeg. “Het zit ’m puur in de stuurinrichting. Die bepaalt voor een groot deel de handeling qualities van de fiets.”

Om dat stuurgedrag te kunnen verbeteren, zal je eerst een stap terug moeten: een fiets maken in de juiste framemaat. Dat klinkt logisch, maar is nog niet zo vanzelfsprekend. “De coach van de baanselectie had al ontdekt dat sommige renners eigenlijk te groot zijn voor de huidige KOGA”, vertelt Arend. “Voor ons als ontwikkelaars is het nu zaak om een fiets te bouwen die goed om de renner heen past. We draaien het dus om. We bouwen geen fiets om er een renner op te zetten, maar we zeggen: hier heb je de renner, daar gaan we een fiets omheen bouwen.”

Plat zitten
Bij het bepalen van de geometrie is het aerodynamisch ontwerp van designer Oskar van Dijk (Actiflow) leidend. “Hij kwam daarbij met hele interessante dingen. Hij zei: ‘je moet zorgen dat het stuur en de stuurpen precies in lijn liggen met de bovenbuis’. Dat gaf ons weer een idee van de geometrie. Vanuit daar konden we kijken naar de stuurinrichting en hoe de renners die beet moeten pakken om een goede houding op de fiets te hebben. Dus hoe ‘plat’ ze zitten.”

"Als we niet te veel aan de huidige romphoek veranderen, gaan we ervan uit dat ze hetzelfde vermogen kunnen leveren"

Arend Schwab (TU Delft)

Bij het bepalen van de juiste zithouding zijn niet alleen de aerodynamica en het stuurgedrag van belang, maar een renner moet ook zijn krachten kwijt kunnen. Diep zitten is gunstig qua luchtweerstand, maar als je dijen je buik raken, of je knieën in je ellebogen prikken, verlies je vermogen en daarmee kostbare tijd. Alle renners hebben op de huidige fiets hun eigen optimale houding gevonden, weet Arend. “Sommigen kunnen daarbij dieper zitten dan anderen. Als we niet te veel aan de huidige romphoek veranderen, gaan we ervan uit dat ze hetzelfde vermogen kunnen leveren.”

Dure grap?
Dat de fiets om de renners wordt gebouwd is mooi bedacht, maar geen enkele coureur is hetzelfde. En twintig verschillende fietsen bouwen wordt een dure zaak. Niet nodig, meent Arend. “Qua frame is een paar verschillende maten al afdoende. De variatie gaan we vooral aanbrengen in de voorbouw: de vorksprong en de stuurinrichting.” Om die reden is de complete selectie minutieus opgemeten. “De lichaamslengte, de arm- en beenlengte en het totaalgewicht, noem maar op. Dat hebben we allemaal ingevoerd in ons rekenmodel.” Als de nieuwe fiets er eenmaal is en de renners toch niet tevreden zijn over de handeling, dan is er nog geen man overboord. “Door alleen een andere voorvork of een nieuw stuur te monteren kun je het complete stuurgedrag van de fiets veranderen. Dat zijn eenvoudige, niet al te dure ingrepen. En op de aerodynamica zullen ze niet al te veel invloed hebben.”

Leerzaam
Voor Arend Schwab als wetenschapper snijdt het mes bij Project Tokyo aan beide kanten. Enerzijds kan hij de expertise van zijn fietslab inzetten in de praktijk, anderzijds helpt deze opdracht hem ook verder in zijn lopende onderzoek. "Tot nu toe hebben we met onze computermodellen alleen gekeken naar de gewone stadsfiets. We hadden nog nooit gekeken naar wielrennen: fietsen op hoge snelheden in een bijzondere houding. Ik vind het super interessant om te zien hoe het er daar aan toe gaat. Daar leren we weer ontzettend veel van.”

"Twee tienden is zomaar het verschil tussen brons en goud"

Voor de ontwikkeling van de nieuwe KOGA baanfiets wordt er intensief samengewerkt tussen de partners om een zo optimaal mogelijk balans te krijgen tussen aerodynamica, sterkte, stijfheid en gewicht.

Windtunneltest TU Delft

Het ontwerp van de nieuwe KOGA baanfiets gebeurt op de tekentafel door Oskar van Dijk van Actiflow waarbij het door middel van computersimulaties getest wordt op aerodynamica. Rob Lokate van Pontis Engineering simuleert op de computer impacttesten om de sterkte van het ontwerp te bepalen. Aan de hand van de resultaten geeft Pontis Engineering aan wat er nodig is om de stijfheid en sterkte te verbeteren. Actiflow gaat het ontwerp in accenten aanpassen zonder teveel op aerodynamica in te leveren. Het daadwerkelijke ontwerp van het prototype wordt getest op aerodynamica in de windtunnel van TU Delft.

KOGA, KNWU en partners presenteren nieuwe baanfiets

Op woensdag 28 februari, de openingsavond van de WK Baanwielrennen, is het prototype van de KOGA-baanfiets gepresenteerd. Vanaf 2019 gaat de nationale baanselectie van de KNWU op deze fiets op jacht naar nog meer internationaal succes. Einddoel van KOGA, TU Delft, Actiflow en Pontis Engineering is een bijdrage leveren aan het winnen van goud op de Olympische Spelen van Tokyo in 2020.

Voor KOGA is het introduceren van het prototype weer een belangrijke stap in het proces van het ontwikkelen van de nieuwe fiets. Het prototype kwam tot stand door de samenwerking te zoeken met TU Delft, Actiflow en Pontis Engineering én in nauwe samenspraak met de nationale baanselectie die op de nieuwe fiets voor goud gaan in Tokyo 2020. Dit alles onder de noemer Project Tokyo. Op verzoek van de succesvolle Nederlandse baanrenners werd de al vaak geroemde stijfheid van de huidige fiets - de Kimera - behouden, en is er gezocht naar winst op het gebied van aerodynamica.

"Die winst is er nu volgens de rekenmodellen. Met name door in het nieuwe frame te werken met scherpe hoeken en platte vlakken. Daarmee onderscheidt dit frame zich van de Kimera, die juist meer ronde lijnen kent. Uiteraard gebeurt dit allemaal binnen de regels van de UCI. Wel zijn daarbij nadrukkelijk de grenzen opgezocht. Opvallend detail is dat de stuurpen helemaal is weggewerkt, zodat het frame overloopt in het stuur", aldus Harald Troost, Marketingmanager KOGA.

Uitstekende partner samenwerking
Vincent Luyendijk, directeur van de KNWU,  is onder de indruk van wat uit de samenwerking tussen de gezamenlijke partijen is voortgekomen: "Een baanfiets waarmee de concurrentie met de andere toplanden op de piste wordt aangegaan. Na de Olympische Spelen van Rio hebben we als wielerbond met KOGA samengezeten in het besef dat we momenteel een bijzonder sterke baanlichting hebben. De successen van Elis Ligtlee (goud op de keirin) en Matthijs Büchli (zilver op de keirin) op de Olympische Spelen in Rio getuigen daarvan. Achter deze succesvolle renners hebben we nog veel meer talenten. Als bond is het zaak om alles op alles te zetten om in Tokyo opnieuw voor olympisch succes te gaan. Een belangrijk element is de fiets die onze baanrenners gebruiken. Zowel bij KOGA als de KNWU vonden we dat we toe waren aan een nieuwe baanfiets, waarbij we in de ontwikkeling de nieuwste technieken toepassen. We zijn blij met de rol van onze succesvolle baanrenners bij dit project. Het resultaat - samengebracht in dit prototype - mag er zijn."

"Met zo'n sterke selectie zetten we alles op alles om in Tokyo opnieuw voor olympisch succes te gaan. Een superfiets voor onze baanrenners is essentieel"

Vincent Luyendijk, Directeur KNWU

Nieuw frame in camouflagetint
Het frame was te zien in een camouflagetint, zoals ook in de auto-industrie gebruikelijk is. Hierdoor zijn de details op foto en video minder herkenbaar voor concurrenten die eventueel inspiratie op willen doen voor een eigen baanfiets. KOGA tekent voor het frame, de voorvork en het stuur en adviseert de KNWU verder op het gebied van overig materiaal, zoals bijvoorbeeld de wielen.

Rol TU Delft
TU Delft heeft al haar activiteiten op gebied van sport samengebracht in het TU Delft Sports Engineering Institute. Binnen het instituut wordt fundamentele kennis vanuit verschillende disciplines samengebracht en toegepast op de uitdagingen in de sport. Om de baanfiets sneller te maken bundelen experts op het gebied van aerodynamica, fietsdynamica en constructietechniek kennis en expertise.

Volgens Daan Bregman, projectleider TU Delft, biedt de ontwikkeling van de nieuwe baanfiets de TU Delft de mogelijkheid expertise te bundelen in het ontwerp. "De samenwerking tussen het bedrijfsleven, de wetenschap en topsport is heel interessant. Baanwielrennen levert ons de mogelijkheid om in een omgeving waarin er nauwelijks invloed is van externe elementen - zoals die bestaan bij het wegwielrennen - tal van nieuwe technieken toe te passen. Technieken waar wij, ook bij andere projecten, ons voordeel kunnen doen."

Presentatie prototype baanfiets Tokyo

Op de eerste dag van het WK Baanwielrennen in Apeldoorn is tijdens een persconferentie de nieuwe baanfiets voor Tokyo2020 gepresenteerd. In deze video zie je het verhaal achter deze fiets en de samenwerking tussen de verschillende partijen die voor goud gaan op de Olympische Spelen in Tokyo.

Stijfheidmetingen Accell testcenter

In het Accell testcenter zijn er stijfheidsmetingen verricht op de KOGA Kimera. Deze gegevens worden gebruikt om de computermodellen te valideren. Hiermee kan de nieuwe baanfiets ook worden gevalideerd en wordt er gekeken waar de verbeteringen in het nieuwe frame zitten ten opzichte van de huidige Kimera.

Limited edition KOGA racefiets voor de baansprint-selectie

De baansprint-selectie heeft van KOGA bikes een limited edition KOGA racefiets gekregen om ook tijdens de wegtrainingen te kunnen beschikken over een topfiets. Het design is ontwikkeld door het Japanse Tattoomagu.

Bikefit belangrijke bijdrage voor goede positie op de fiets

De baansprinters zijn de afgelopen periode anders op hun fiets gezet door Energy Lab. Door het maken van een gedetailleerde Bikefit levert deze nieuwe partner van Project Tokyo een belangrijke bijdrage in het traject met als ultieme doel: goud winnen op de Olympische Spelen van 2020. Laurens Groenendijk van Energy Lab voelde zich even een kind in de snoepwinkel: “Een bijdrage leveren aan het optimaliseren van de zitpositie van deze topsporters is één van de vele puzzelstukjes om Tokyo tot een succes te maken. Die stukjes zijn allemaal belangrijk bij het bereiken van dat doel.”

"Het grote voordeel van Energy Lab is dat je met z’n allen ook daadwerkelijk om de sporter heen kunt lopen"

Laurens Groenendijk

De certified bikefitter van Energy Lab zag ondertussen bijna de voltallige sprintselectie langs komen in Eindhoven. “Topsporters staan soms sceptisch tegenover veranderingen, maar ik merkte in deze groep dat ze de waarde van de bikefit zeker inzagen, ook omdat op een enkeling na, nog nooit iemand hiervoor aan dergelijke tests was onderworpen. We maken bij Energy Lab een aantal scans van het lichaam om te kijken of er iets in disbalans is – bijvoorbeeld of iemand verschillende beenlengten heeft - maar kijken ook naar simpele dingen als de stand van het schoenplaatje op de schoen. Als we zeker weten hoe de fysieke gesteldheid van de renner is, wordt de sporter op een fiets gezet. Die kan zo ingesteld worden, dat het een kopie van hun huidige fiets is."

Theorie en praktijk komen same
Bij de TU Delft heeft men een tabel gemaakt van het theoretisch optimum van de fiets en de sporter. "Aan ons is het dan om te zorgen dat de praktijk en de theorie zo dicht mogelijk bij elkaar komen. Dat het spanningsveld verdwijnt. Door vanachter de computer een aantal zaken - bijvoorbeeld de stand van het stuur en het zadel - op detail te veranderen. Dat geeft een ander gevoel op de fiets. Je krijgt dan feedback van de sporter, maar ook de fysiotherapeut, mechanieker Tim de Boer en de bondscoach geven input, terwijl we met dat proces bezig zijn. Zij kennen de sporter allemaal op hun eigen terrein en zijn daarmee ook belangrijk in dit proces. Het grote voordeel van Energy Lab is dat je met z’n allen ook daadwerkelijk om de sporter heen kunt lopen terwijl hij fietst. Dat is winst ten opzichte van het waarnemen van sporters op de baan.”

De sporters kunnen met al deze nieuwe input aan de slag, maar als KOGA straks het frame (ook op basis van alle genoemde testgegevens van alle ander partners) gereed heeft, worden de posities opnieuw gemeten. Groenendijk: "Het is heel mooi om zo een bijdrage te leveren aan het optimaliseren van de zitpositie van deze topsporters. Dit is één van de vele puzzelstukjes om Tokyo tot een succes te maken. Die stukjes zijn allemaal belangrijk bij het bereiken van dat doel. Ik voel me soms een kind in de snoepwinkel. We doen hier heel dankbaar en nuttig werk met recreanten, die bepaalde pijn ervaren bij hun huidige zitpositie of simpelweg beter op hun fiets willen komen zitten."

"Ik voel me soms een kind in de snoepwinkel"

Laurens Groenendijk

"We hebben hier met topsporters te maken, die straks voor een olympische medaille gaan in Tokyo – het liefst goud natuurlijk – en dat is weer een heel ander soort uitdaging. Je merkt bij de andere partners, de begeleiders én de sporters de enthousiasme voor dit project om te zorgen dat de olympische renners straks op de best mogelijke fiets en met de best mogelijke positie aan het vertrek kunnen komen. En dat voor alle sporters afzonderlijk. Dat maakt het een uniek en mooi project om een bijdrage aan te leveren.”

Testen van nieuw prototype baanstuur

Voor de nieuwe baanfiets wordt er ook een nieuw stuur ontwikkeld op basis van de input van de renners. Daar is een 3D-prototype van gemaakt waardoor de vorm goed kan worden beoordeeld. Hiervan is een prototype gemaakt die getest is door de baanrenners.

De teamsprinters trainen op de nieuwe KOGA baanfiets

Vandaag trainen de wereldkampioenen teamsprint Jeffrey Hoogland, Roy van den Berg en Harrie Lavreysen voor het eerst op de nieuwe hypermoderne KOGA baanfiets. In het Omnisport in Apeldoorn wordt hard getraind voor de Olympische Spelen die volgend jaar in Tokyo worden gehouden. De baanfiets gaat garant staan voor Olympisch succes. Er is in het ontwerp met name gezocht naar winst op het gebied van aerodynamica. Met de fiets verwacht men een tijdswinst van ongeveer 0,5 seconde op de teamsprint te kunnen boeken.

International brand manager van KOGA, Harald Troost: "Begin maart tijdens het WK baanwielrennen in Polen hebben onze renners met zes wereldtitels bewezen dat ons huidige model KOGA Kimera zeer succesvol is. Met deze nieuwe 'TOKYO' baanfiets bewijzen we als KOGA wederom onze innovatiekracht. Met alle partners is de afgelopen 2 jaar intensief samengewerkt, hetgeen resulteert in een fiets die 35% stijver is, 15% lichter en 24% meer aerodynamisch."

"Het resultaat heeft mijn verwachtingen overtroffen"

Bondscoach Hugo Haak

Custom-made
Alle olympische renners krijgen een custom-made KOGA baanfiets. Het frame en het stuur wordt afgestemd op de houding en lengte van de renners. Het EK in Apeldoorn in oktober wordt het eerste moment voor de renners om de fiets in competitie te testen.

Bondscoach Hugo Haak: "De ontwikkeling van de nieuwe baanfiets is een heel mooi traject geweest met een fantastisch team van wetenschappers en specialisten om de beste en snelste baanfiets ter wereld te ontwikkelen. Het resultaat heeft mijn verwachtingen overtroffen. Dit geeft ons een extra stimulans om er alles aan te doen om in Tokyo succesvol te zijn op de sprintnummers."

De olympische KOGA baanfiets is tot stand gekomen door een intensieve samenwerking tussen KOGA, TU Delft, Actiflow, Pontis Engineering, de nationale baanselectie en de KNWU.

Nieuwe KOGA baanfiets officieel uitgereikt aan KNWU

Na twee jaar onderzoek is de theorie vertaald naar een supersnelle baanfiets voor de Olympische Spelen in Tokyo. Onlangs maakten de wereldkampioenen teamsprint alvast de eerste meters op de nieuwe KOGA baanfiets en ze zijn er heel enthousiast over. 

In deze video komt het hele traject van Project Tokyo samen en wordt de theorie van de snelste KOGA baanfiets voor Tokyo2020 omgezet naar de praktijk. De baanframes worden in productie genomen om de Nationale baanselectie te voorzien van 'State of the art' baanfietsen, met als doel; goud op de Olympische Spelen in Tokyo.

Wij plaatsen functionele cookies om deze website naar behoren te laten functioneren en analytische cookies waarmee wij het gebruik van de website kunnen meten. Deze cookies verzamelen geen persoonsgegevens. Hieronder kun je aangeven welke andere soort cookies je wilt accepteren. Wil je meer weten? Bekijk dan onze privacy pagina.